“De gemiddelde leeftijd van iemand die in de technische sector werkt is 45 jaar, relatief oud. Bovendien kampen we over enkele jaren met enorme tekorten in de techniek. Met name het MKB, waar tachtig procent van de werkgelegenheid te vinden is, gaat grote klappen oplopen. Daar moeten we dus wat aan doen”, zegt Ab van der Touw, bestuursvoorzitter van Siemens Nederland.

Ander beeld

Om het imago te verbeteren en jongeren enthousiast te krijgen voor een technische opleiding, is een grote rol weggelegd voor het bedrijfsleven zelf. “Dat moet het beeld anders krijgen. Men denkt van de techniek nog steeds dat het vies, vuil en onderbetaald werk is in ploegendiensten. Maar tegenwoordig gaat het eerder om software, kantoren en touchscreens. Compleet anders. Het is daarnaast een taak om ouders hierbij te betrekken, zij hebben invloed. Laat maar zien als bedrijfsleven dat de kans op een baan in de techniek groot wordt. En: hoe leuk, internationaal, interessant en goedbetaald die kan zijn.” Daarnaast pleit Van der Touw voor nauwere samenwerking tussen onderwijs en het bedrijfsleven. Niet alleen gaan technici idealiter meer parttime doceren, ook is het volgens hem verstandig dat docenten zo nu en dan terugkeren op de werkvloer om voeling te houden met de praktijk.

Rolmodellen

“Mbo en hbo moeten daarnaast terug naar de brede basis. Jonge mensen worden veel te smal opgeleid. Ze moeten juist meer allround worden. Ook ontbreekt het in de techniek aan rolmodellen. En juist die zijn zo belangrijk om jonge mensen –vanaf twaalf jaar al- aan te spreken in hun eigen belevingswereld.” Concrete beroepen waar een tekort aan is of dreigt te komen zijn bijvoorbeeld elektrotechnici, werktuigbouwkundigen, operators in de haven en bij een grote staalproducent, en onderhoudspersoneel bij de NS. Daarnaast doet de vlucht in toepassingen voor windenergie later een groter beroep op onderhoudsmensen, volgens bestuursvoorzitter Van der Touw.