Tineke Netelenbos
Voorzitter Koninklijke Vereniging van Nederlandse Reders

“Het arbeidskrachtentekort in de scheepvaart is vooral te vinden onder officieren. De huidige instroom is 250 tot 300 en er is een verdubbeling vereist”, zo vertelt Tineke Netelenbos. “In totaal volgen 2200 jongeren een nautische opleiding. Dat is gewoon weg niet genoeg om de schepen van de Nederlandse vloot te bemensen.We moeten wel mensen uit het buitenland halen. Daarvoor bestaat al een school op de Filipijnen waar mensen worden opgeleid. Maar het liefst werken veel reders toch met Nederlandse krachten, vanwege de taal”, vertelt de oud-minister.

Kapitein gezocht

De scheepvaart is een breed begrip. Het tekort aan officieren dat Netelenbos schetst komt volgens haar dus ook in verschillende takken voor. “Het gaat om allerlei soorten schepen. Denk aan de zogeheten shortsea-schepen, die vracht verdelen. Of aan de gespecialiseerde vaart die zware objecten vervoert, aan scheepvaart voor de offshore, aan tankers en zelfs aan de Holland-Amerikalijn. Daarvoor zijn allemaal officieren nodig. Bovendeks in de vorm van een stuurman of kapitein- en benedendeks, de werktuigbouwkundigen.” De voorzitter meldt dat ook na een baan op zee er werk is te vinden. “Gemiddeld zijn mensen een jaar of acht officier, om vervolgens aan wal te gaan werken. Daar zitten ze namelijk te springen om mensen met nautische ervaring voor beroepen als havenmeester of loods. Als officier vind je dus altijd werk. Sterker nog: ondanks de crisis garanderen we als branche nog steeds een stage- en baangarantie.”

Doembeelden

Jongeren hebben een verkeerd beeld van de scheepvaart, denkt Netelenbos. Doembeelden als je familie en vrienden nooit zien en altijd weg zijn, heersen. Ze wil dit beeld nuanceren: “Je hoeft niet lang van huis te zijn. Tegenwoordig vliegen er toch vliegtuigen? Vergeet niet dat je na bijvoorbeeld zes weken ‘op’ ook weer zes weken ‘af’ bent en dus vakantie hebt. Er zijn daarnaast enorm veel arbeidskansen. Als officier leid je een vrij bestaan waarin je veel van de wereld ziet. Al op jonge leeftijd draag je verantwoordelijkheid, en het zijn goedbetaalde banen. Een voorbeeld? Iemand met mbo-4 begint al gauw met een salaris van 30 000 euro. Je werkt daarnaast in een team, wat ook een mooi aspect is.”

“Kinderen willen graag politieman worden of brandweerman. Een uniform spreekt heel erg tot de verbeelding. Eenkapitein hoort voor mij ook in dat rijtje. Ik hoop dat jonge mensen dat ook gaan zien.” De scheepvaartsector verzorgt in samenwerking met andere partijen ook campagnes op scholen. Onder de slogan Zeebenen Gezocht leren jongeren meer over de kansen.“Ook in de praktijk. 14-jarigen kunnen bijvoorbeeld een weekendje meevaren op een klipper. Zijn ze twee jaar ouder dan mogen ze een week, of twee, mee op een koopvaardijschip. Dan komen ze er snel achter of het iets voor ze is en wat hen zoal te wachten staat”, vertelt Netelenbos.

Zeebenen

Voor wie beschikt over zeebenen en bij wie het eigenlijk al meteen begint te kriebelen, is het volgens Netelenbos slim om open dagen van zeevaartscholen te bezoeken. “Die vind je bij verschillende havens in ons land. Een opleiding tot officier is te volgen op zowel mbo-4 als hbo-niveau. Waren er vroeger twee opleidingen (voor respectievelijk bovendeks en benedendeks), nu zijn deze gecombineerd. Realiseer je wel dat het een bèta-opleiding is, dus dat je ook je vakken daarop uitkiest. Maar die keuze is niet alleen veeist voor een opleiding en werk in de scheepvaart, maar met het oog op het veiligstellen van je toekomst sowieso wel slim.” Netelenbos is nu al weer enige poos werkzaam in de wereld van de scheepvaart. Naast de carrièreperspectieven enwerkgelegenheid, wil ze daar het volgende nog over kwijt: “De scheepvaart is een interessante wereld. We praten hier toch over Nederlands trots. Daar moet je bij willen horen.”