Het is al ruim 30 jaar geleden dat Marian voor het vak van apothekersassistente koos. Het leek haar interessant om met patiënten en medicatie om te gaan, en de toepassing en de gevolgen ervan te kennen. “Het is dan ook heel afwisselend en boeiend op de werkvloer. Ook het contact met mensen is leuk, omdat iedereen anders is en ook anders reageert. Communicatie is daarom een heel belangrijk deel van het vak, omdat je moet inspelen op de persoon. Het ene moment help je iemand die net heeft gehoord dat hij kanker heeft, en daarna misschien weer een moeder met een koortsig kind. Dat is schakelen. En daar komt de kennis over medicatie nog bij.”

Patiënt centraal

Marian vindt de nieuwe ontwikkelingen op het gebied van medicatie erg interessant. Dit vereist wel dat ze scherp blijft en dat doet ze door zich voortdurend bij te scholen. “Maar wat er ook gebeurt: de zorg voor de patiënt staat altijd centraal. Je kunt bijdragen aan iemands kwaliteit van leven. Toch is het ook wel eens lastig als je te maken hebt met de druk van zorgverzekeraars en overheidsregels.” Na enkele jaren geleden te zijn gevraagd voor het onderwijs, werkt ze nu op het Deltion College in Zwolle. Haar leerlingen treffen een docent die het fijn vindt om praktijkkennis over te dragen. “Het onderwijs heeft me altijd getrokken. Doordat ik ook in de praktijk werk kan ik leerlingen motiveren en goed laten zien hoe interessant het vak is.”

Multitasken

Het beroep vraagt echter wel wat. “Je moet flexibel zijn, kunnen multitasken en jezelf blijven ontwikkelen om deskundig te blijven. Een belangrijk onderdeel is bijvoorbeeld medicatiebewaking. Voor een apothekersassistent is het heel belangrijk om te weten wat de werking van medicijnen is, wat de bijwerkingen zijn en hoe ze kunnen reageren op andere medicatie. Een kwestie van goed je aandacht erbij houden en er brede en diepgaande kennis op nahouden. Soms is het zo dat je een patiënt een beetje begeleidt in zijn ziekteproces en ontstaat er een band. Andere keren zijn mensen dankbaar als je hen goed adviseert.”

Het ROC Deltion College waar Marian werkt biedt de opleiding van apothekersassistent zowel in een BOL opleiding die meestal voltijd en soms in deeltijd kan worden gevolgd of een BBL opleiding (werken en leren tegelijk) aan. Doorstromen hierna is ook een optie. “Zo kun je bijvoorbeeld een hbo-studie doen zoals die voor farmaceutisch consulent of farmakundige. Ik ben wel benieuwd naar de toekomst. Een apothekersassistent wordt meer een farmaceutische zorgprofessional. Daarnaast neemt de vergrijzing toe en gaan ook steeds meer mensen medicatie gebruiken. Het beroep ontwikkelt zich; zelf doe ik veel aan bijscholing. Het scheelt dat wanneer je iets met passie doet, het gemakkelijker gaat.”

"Ik wilde aan de andere kant van de balie"

Linda van Laar kwam erachter dat ze helemaal niet deed wat ze wilde. Achter de balie in de apotheek, daar wilde ze staan. Dus volgt ze de BBL-opleiding tot apothekersassistente.

“Het begon te kriebelen. Bij elk bezoek aan een apotheek wilde ik eigenlijk liever aan de andere kant van de balie staan. Ik vond alles daar altijd heel interessant. Ook toen mijn ouders -die inmiddels allebei zijn overleden- op het laatst veel medicijnen gebruikten, interesseerde het me heel erg wat ze precies namen. Toch wist ik op mijn zestiende nog niet dat ik deze kant op wilde. Ik heb de opleiding SPW gedaan, maar deed daar later niets mee. Ik werkte onder meer in een sorteercentrum en ik had een gezin. Maar blij in mijn werk was ik niet. ‘Wat moet ik nou?’ dacht ik wel eens.”

Gemotiveerd

Als Linda leest over een versnelde BBL-opleiding tot apothekersassistente van anderhalf jaar aarzelt ze geen moment. Binnen no time heeft ze een gesprek bij MBO Amersfoort. De eisen zijn een afgeronde mbo-4- of havo-opleiding. Men denkt dat ze het wel aankan. Drie dagen in de week werken en één dag per week school. Het is pittig, zegt ze. “Maar ik heb nog geen dag spijt gehad. Het is ontzettend veel werk in de avonden en het weekend maar omdat ik het zo interessant vind, blijf ik gemotiveerd. Dat ik het vak zo leuk vind komt denk ik door het totaalplaatje. Het is zeer veelzijdig werk en geen uur is hetzelfde.”

Op de opleiding passeren verschillende vakken de revue. “Zoals het vak Bereiden waarbij je zelf zalf of een drank, die niet op de markt is, leert maken. Uiteraard moet je geneesmiddelenkennis hebben en weten wat de interacties tussen medicijnen zijn. Daarnaast leren we ook over handverkoop; de verkoop van middelen die niet op recept zijn. Het is natuurlijk belangrijk dat je mensen goed kunt adviseren. Bovendien moet je recepten kunnen maken en afhandelen.”

Leergierig

Linda werd meteen in het diepe gegooid, zo vindt ze. Op dag twee van haar opleiding werd ze al verwacht in de apotheek voor haar eerste werkdag. “Ik dacht even ‘help’ maar leerde meteen ontzettend veel. Het voordeel van mijn opleiding is dat je het geleerde meteen in praktijk kunt brengen. Wel was ik heel ongeduldig en wilde ik meteen alles doen in de apotheek. Dat is mijn leergierigheid. Op die eerste dag voelde ik me eigenlijk meteen op mijn plek en dat gevoel is nooit weggegaan.” Zonder een goede achterban had Linda het alleen niet gered, zo vermeldt ze er wel bij. “Ik heb gelukkig een lieve man die de kinderen opvangt als dat nodig is.”

De opleiding die ze volgt is destijds in het leven geroepen vanwege het tekort aan apothekersassistenten, volgens Linda. Ze hoopt te kunnen blijven werken in de Utrechtse apotheek. “Als het aan mij ligt, ga ik hier niet meer weg. Het is een leuk team en de dagen vliegen hier voorbij.”